Ex-theaterdirecteur veroordeeld voor fraude

Hans Hollander-Berends, de voormalig directeur van Theater Pierrot en het Openluchttheater Zuiderpark in Den Haag is woensdag veroordeeld tot de maximale taakstraf van 240 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden. Daarnaast legde de politierechter hem een proeftijd van twee jaar op. Hollander-Berends bekende eind oktober 2008 tegenover de politie geld te hebben verduisterd. 

De fraude kwam aan het licht na het vertrek van Hollander-Berends, die per september 2008 van baan wisselde en aan de slag ging als directeur van de Rijswijkse Schouwburg. Zijn opvolger bij Theater Pierrot en het Openluchttheater Zuiderpark ontdekte dat de boekhouding niet klopte. In totaal is er sinds 2006 een bedrag van 72.000 euro ontvreemd. Hollander-Berends bekende in eerste instantie dat hij 30.000 euro had gestolen, maar beweerde later dat het om slechts 10.000 euro zou gaan.
Gelijktijdig met de strafrechtelijke is ook een civiele procedure gestart. Hiermee hoopt bestuursvoorzitter Robbert Baruch niet alleen het totale verdwenen bedrag maar ook de extra kosten die gemaakt zijn voor onder meer het accountantsonderzoek en de juridische bijstand vergoed te krijgen. „De rechter heeft de claim van 30.000 euro die de officier van justitie had ingediend, niet ontvankelijk verklaard en ons terugverwezen naar de civiele procedure”, vertel Baruch. „Aan de ene kant omdat het gestolen bedrag in werkelijkheid veel hoger is en aan de andere kant omdat de onkosten die wij claimen niet per se één op één te verhalen zijn op Hollander-Berends. Hij was wel de aanleiding voor het grootschalige accountantsonderzoek maar daarin is op aandringen van de gemeente Den Haag ook direct naar andere aspecten van onze administratie gekeken. Zo zijn bijvoorbeeld de jaarrekeningen over 2007 en 2008 opnieuw gemaakt. Bovendien wilde we onze administratieve procedures laten doorlichten, kijken of we daar steken hebben laten vallen. Daarvan was gelukkig geen sprake.”

Domme diefstal
Inmiddels is duidelijk geworden hoe de ex-theaterdirecteur het geld verdonkeremaande. „Dat deed hij op een heel domme manier die wel aan het licht moest komen”, licht Baruch toe. „Hij stortte de inkomsten van de recette en de bar niet bij de bank. Achteraf bleek dat hij al sinds zijn aanstelling in 2006 geld leende van de omzet, die onder zijn beheer viel. In 2007 stopte hij deels met het terugbetalen daarvan. Het tekort van 20.000 euro dat daardoor in dat jaar ontstond, verklaarde hij aan de boekhouder en de accountant door te beweren dat het geld in de kluis lag. Die geloofden hem helaas op zijn woord. Daardoor is het tekort niet als dusdanig op de jaarrekening verschenen, met alle gevolgen van dien. Het ging dus mis met het fysieke transport van de inkomsten naar de bank. Het bestuur kreeg natuurlijk wel de kwartaaloverzichten, maar zoals gebruikelijk niet de bankafschriften en daardoor hebben we de diefstal niet eerder ontdekt.” Na zijn vertrek bleek dat Hollander-Berends in 2008 helemaal geen geld had afgestort – en was de kluis leeg.
Een flinke strop dus voor de Haagse theaters, die door de financiële malaise een tijdlang op de rand van de afgrond balanceerden. „Gelukkig heeft de gemeente Den Haag ingegrepen, en ons 72.000 euro geleend. Die lening moeten we de komende tien jaar terugbetalen. Ook nam de gemeente de kosten voor het accountantsonderzoek op zich.” Theater Pierrot in de Haagse wijk Laak is voortgekomen uit het buurt- en jongerenwerk en had al een moeilijke tijd achter de rug.
„Eigenlijk wilde de gemeente met ingang van het vorige Kunstenplan stoppen met de subsidiering van Pierrot. Maar we hebben de Raad kunnen overtuigen van het belang van het theater in deze achterstandswijk en inmiddels zijn we uitgegroeid tot één van de cultuurankers in de stad. Onze programmering is wijkgericht en daarnaast ontwikkelen we ook voorstellingen met jongeren en andere buurtbewoners.” Onverwacht zwaait de bestuursvoorzitter daar Hollander-Berends lof voor toe: „Hij heeft daar echt een belangrijke rol in gespeeld en veel goede dingen gedaan. Dat maakt het des te wranger. Toen ik hem aannam, geloofde ik echt in hem. Ik wist dat hij nog veel moest leren, maar ik had er alle vertrouwen in dat hij zich zou ontwikkelen tot een bevlogen leidinggevende.” Ook voor de medewerkers van de theaters is de vertrouwensbreuk erg pijnlijk geweest.

Veeg uit de pan
„De theaters kregen op jaarbasis gezamenlijk 320.000 euro subsidie van de gemeente. Dat is echt geen vetpot. Er is dus nooit ruimte voor iets extra’s. Een loonsverhoging, een nieuw likje verf, dat soort dingen zitten er gewoon niet in. We werken met een klein en hecht team, dat nooit te beroerd is om bij te springen als dat nodig is. Door de diefstal van Hollander-Berends hebben de onderlinge verhoudingen ook een knauw gekregen. Ga maar na, ineens stonden het voortbestaan van de theaters en alle banen op het spel. Iedereen heeft wekenlang in onzekerheid verkeerd, en daar bovenop kwam nog eens het ongeloof dat de directeur zichzelf ten koste van alles en iedereen heeft verrijkt en rücksichtslos hun toekomst op het spel heeft gezet. Dit soort toestanden, die verwacht je gewoon niet in theaterland, waar toch alles draait om de wereld een stukje mooier en beter te maken.”
Over het motief van Hollander-Berends, die inmiddels het tweede deel van zijn achternaam heeft laten vallen, tast Baruch ook na de rechtszaak nog in het duister. „Hij vertelde aan de politierechter dat hij een slechte verhouding met het bestuur had en bang was voor onze contactmomenten”, schampert de voorzitter, die zich in die bewering helemaal niet herkent en juist erg content was met het wekelijkse overleg tussen hem en de gewezen directeur. „Maar”, zegt Baruch die aanwezig was bij de rechtszaak en de direct daarop volgende veroordeling, „de rechter gaf hem een flinke veeg uit de pan. Ze noemde het begrijpelijk dat hij tegen die gesprekken opzag, gezien zijn slechte geweten en zei dat hij zijn voorbeeldpositie ernstig heeft misbruikt. Dat hij op geen enkele manier spijt heeft betuigd, daarmee ook zijn oude medewerkers in de kou heeft laten staan, is misschien nog wel het allerergste”, verzucht Baruch. En of de strafmaat voldoende is? „Na afloop van de zitting berekende één van de personeelsleden dat 240 uur taakstraf voor het jatten van 72.000 euro neerkomt op een ‘salaris’ van 300 euro per uur.” Baruch vervolgt wat cynisch: „Er zijn mensen die minder verdienen. Het is dus te hopen dat de civiele procedure daar in november korte metten mee maakt. Anders komt hij er wel erg gemakkelijk, veel te gemakkelijk mee weg.”